Woensdag 02 juni, door de Sila naar de Adriatische kust en het noorden
We hebben vandaag een lange rit voor de boeg maar we willen ook nog wat van de natuur genieten en nemen daarom een weg door het Silamassief, ook wel het kleine Zwitserland van Calabrië genoemd; hoge plateaus met veel bossen, totaal anders dan de rest van de streek die er toch wat verdorder bij ligt.Een grafmonument langs de weg, twee gebroken zuilen met daarop wat namen vermeld, een hele mooie plek. Rechts staat de brem in volle bloei en kleurt het landschap prachtig geel.
In sommige, zoals Longobucco, mag je met de auto een groot gedeelte van het dorp zelfs niet in omdat de wegen er te klein zijn. Misschien maar goed ook, want ik zou het zo proberen.
Tegen 3 uur vinden we een geopend restaurant vlakbij een leuk kasteel. We drinken er wat maar eten niets want we hebben geen zin in een kompleet menu (zo hongerig zijn we ook nog niet) en je moet per se binnen zitten terwijl het buiten ontzettend warm is. Ook mag je binnen niet roken, dus we houden het bij een drankje op het terras.
Verder hebben we ons vandaag weer suf gepiekerd over het verkeer! Zebrapaden die nergens heenlopen langs een snelweg; snelwegen die luidkeels worden aangekondigd en vervolgens nooit komen, alleen de borden staan er alvast voor als de snelweg klaar is (ze staan trouwens ook al op de kaart maar verwacht er in Zuid-Italië dus niet te veel van!); autowegen waar ineens snelheidsbordjes staan: 60 km. 40 km. 20 km. terwijl er 4 goede banen zijn... We rijden dan ook regelmatig 50 tot 80 kilometer te hard en de politie doet er zelf even hard aan mee.
Vandaag vinden we Italië weer eens behoorlijk chaotisch, maar dat is ook een van de charmes, natuurlijk. We zijn wel bekaf wanneer we pas tegen achten bij Manfredonia aan de noordkust zijn. We hadden daar een camping uitgezocht maar die staat (uiteraard) nergens aangegeven. Uiteindelijk besluiten we een huisje op een van de vele toeristenparken te nemen en geen tent op te zetten. Je verwacht een modern en net park maar het is net zo'n chaos als Italië zelf. We passeren een toegangspoort waar we moeten melden wat we komen doen en vervolgens rijden we een hele slechte weg af en wat komen we daar tegen? De camping die we zochten! Toch nemen we maar een huisje op de African Beach waar vrijwel niemand een woord buitenlands verstaat. We krijgen er bijna ruzie door maar het loopt goed af... hopen we maar want morgen moeten we nog betalen.
Nog een woordje over het weer: de dag begon zwaarbewolkt, daarna werd het heet en zonnig maar in de loop van de middag hebben we heel wat buien over ons heengekregen. De komende dagen zijn de weersberichten ook niet echt super dus we weten nog niet precies wat we gaan doen. Nu eerst even lekker uitrusten in ons Afrikaanse hutje op het Italiaanse strand.
Donderdag 03 juni 2004, langs de noordkust naar Fano
We zijn 's nachts blij dat we niet in een tent zitten wanneer de onweers- en stortbuien beginnen en niet meer ophouden. Buiten is alles kletsnat wanneer we opstaan en in de auto stappen. Ontbijten doen we onderweg, in de auto, want hoewel het niet koud is, valt er nog steeds af en toe een buitje. Maar ook komt de zon regelmatig door de wolken en hebben we prachtige uitzichten over de kustlijn van het schiereiland Gargamo waar we langs rijden.
De Gargamo is de spoor aan de hak van de laars van Italië en is prachtig om doorheen te rijden: kalkstenen heuvels en bergen, witte dorpen en brede zandstranden. En af en toe plaatjes zoals hier rechts die we ook al in de reisgidsen zagen. Vooral rond Vieste, de noordoostelijke hoek, is erg toeristisch gezien de hoeveelheid hotels en campings, maar nu is het er nog rustig.
Vandaar vervolgen we de weg SS 89 die helemaal naar het westen loopt. Bij het plaatsje Rodi Garganico stoppen we voor een drankje. De lucht betrekt ondertussen weer maar we kunnen nog even buiten zitten op het terras.
Soms denken we haast in Schotland te zijn: koeien, schapen, geiten en honden bevolken de weg en regelmatig moeten we stoppen voor een kudde van een bepaalde soort. De honden die de schapen begeleiden lijken op de schapen zelf, zo wit en harig zijn ze.
Wanneer het tijd wordt om naar een slaapplek uit te kijken dubben we nog steeds of we de tent op zullen zetten of een hotel opzoeken. De weersvoorspellingen voor heel Italië zagen er gisteravond slecht uit maar het lijkt nu zulk mooi weer dat we even stoppen en op de laptop zoeken in de campinggids. Nog geen 10 km. verder moet een mooie camping zijn. Wanneer de stopplaatsen langs de snelweg een motel hadden gehad, dan hadden we dat gedaan.
De camping Mar y Sierra, vlakbij de plaats Fano, blijkt een leuke camping met ook kamers (de bungalows zijn nog niet helemaal klaar). Het is al na achten en heel veel zin om een tent op te zetten hebben we niet, dus nu we de keuze hebben nemen we een eenvoudige kamer. Zo lopen we ook geen kans op een natte tent. De camping ligt tegen een heuvel op en we hebben een mooi uitzicht.





