Dinsdag 17 december, Kinvarra - Tralee (over The Burren, Cliffs of Moher)
Na een lange nacht worden we uitgerust wakker en de zonsopkomst is prachtig te zien vanaf onze kamer. Een nieuwe dag en we hebben er zin in. Wanneer we naar buiten gaan blijkt dat het gevroren heeft en we moeten krabben om de autoruiten schoon te krijgen. Gelukkig hebben we handschoenen mee.
En dan rijden we het gebied The Burren in, een verlaten oord (260 vierkante kilometer) met beijzelde wegen. Het is een beetje glad, dus we moeten voorzichtig rijden op de smalle, bochtige wegen, maar er is vrijwel geen verkeer. Het gebied straalt een verlatenheid uit zoals we dat ook in de Serra d'Estrella in Portugal hebben gezien: een maanlandschap. De grond bestaat uit gebarsten kalkstenen platen waar geen boom op groeit. Druipsteengrotten zijn hier ook te vinden, maar wanneer we de Aillwee Cave willen bezoeken, blijkt dat we nog ruim een uur moeten wachten voor de rondleiding begint, dus rijden we verder.
Hier en daar staat een dolmen, een Iers hunebed, op deze spookachtige hoogvlakte. Dit is de beroemde Poulnabrone dolmen die hier ongeveer 2000 jaar voor Chr. werd neergezet om de doden in te begraven: 2 rechtopstaande stenen, overdekt met een enorme deksteen die bijna 30 ton zwaar is.
Ondanks het gebrek aan bovenaardse begroeiing groeit er ontzettend veel op The Burren. Tussen de spleten van de rotsen zien we veel varens, klimop en ook een heleboel zeldzame planten, die in een warmer klimaat thuishoren.
Cromwell (een Engelse staatsman uit de 17e eeuw die de Ieren nogal wreed aanpakte) zei over dit gebied: "Hier is geen boom om iemand op te hangen, geen water om hem te verdrinken en geen grond om hem te begraven".
Wanneer we dit kale gebied uitrijden komen we weer talloze verlaten gebouwen tegen, zoals deze ruïne. Het is geen monument en niemand schijnt zich er druk over te maken. Waarschijnlijk wordt het pas gesloopt wanneer iemand ruimte nodig heeft voor een nieuwe woning.
Wanneer we uitstappen bij de Cliffs of Moher staat er een stevig windje en is het niet echt warm. Hier rijzen 7 rotsen achter elkaar uit de oceaan omhoog, elk bijna 200 meter hoog.
Het is een indrukwekkend schouwspel om de zee tegen de rotsen te zien slaan. De rotsen zijn opgebouwd uit lagen (zachte) kalksteen. Alleen door de massiviteit van de rotsen worden ze niet verpulverd door het zeewater.
Op de top staat een uitkijktoren, O'Brien's tower, vanwaar het uitzicht het mooist is over het hele gebied. Langs de rotsen nestelen allerlei soorten vogels, voornamelijk meeuwen, maar ook papegaaiduikers die kamikazevluchten uitvoeren door tientallen meters recht omlaag de zee in te duiken.
In het plaatsje Ennis duiken we even een pub in en tot mijn verbazing zie ik een oud reclamebord waarop Irish Whisky wordt aangeprezen. Ik heb altijd gedacht dat de Schotse whisky zonder en de Ierse met een 'e' werd gespeld, dus whiskey. De bardame legt me echter uit dat sommige Ierse whiskey's toch geschreven worden zonder 'e', maar dat de regel over het algemeen wel klopt. Uitzonderingen bevestigen de regel...
Ennis is een redelijke plaats en de scholen hebben middagpauze. Het stadje krioelt van de schoolkinderen in uniform. We krijgen het koud van alle blote knieën die we zien; het meisjesuniform is hier niet berekend op winters. Op veel andere plekken mochten ze in ieder geval nog langere kousen aan.
Vlak voor zonsondergang komen we in Tralee aan, een havenstadje met een mooi strand. Nu net even iets te koud... We vinden een goedkoop hotel boven een pub, maar we kunnen onze auto nergens in het centrum kwijt en moeten een heel eind lopen met onze bagage.
M'n voeten doen zeer (een oude kwaal) en ik ben blij als we 's avonds weer op onze kamer zijn. Lies ook, zo te zien. We hebben weer heel wat afgewandeld vandaag, zeker voor ons doen.





