Vrijdag 16 december, naar Bouillon en Durbuy in de avond
Het heeft de hele nacht geregend en dat doet het nog steeds wanneer we wakker worden. Dus draaien we ons toch nog maar een keertje om en slapen eventjes verder. Het is al behoorlijk laat als we eindelijk echt klaar zijn om de wereld weer tegemoet te treden en weg kunnen rijden. We hadden allerlei plannen voor vandaag, maar die gooien we weer om omdat we nu veel minder tijd hebben. We gaan nu rechtstreeks naar Bouillon, een stadje bij de Franse grens, diep in het zuiden van België, in de provincie Luxemburg. En de hele weg blijft het maar pijpenstelen regenen.
Naast de VVV is een lege parkeerplaats vanwaar we heel mooi het kasteel kunnen zien dat op een rots in de rivier de Semois is gebouwd. Of eigenlijk loopt de rivier eromheen en is het een soort schiereiland. We duiken een restaurantje in voor een kop koffie en bezoeken daarna de Archeoscope (ingang via de VVV), een multimedia toer over het leven van Godfried van Bouillon die een tijdje de kasteeleigenaar was, maar het verkocht om de eerste kruistocht te bekostigen. Hij werd in 1099 tot Koning van Jerusalem uitgeroepen nadat hij en zijn mederidders de stad hadden heroverd op de moslims, maar die titel weigerde hij en liet zich Beschermer van het Heilige Graf noemen. Hij stierf in Jerusalem binnen een jaar.
Na ons bezoek aan Bouillon rijden we door naar Chassepierre, een dorpje dat in z'n geheel tot monument is benoemd. Maar de hemel is grijs en de kleuren in het dorp ook. We vinden het niet echt speciaal wanneer we het zo vergelijken met andere boerendorpen waar we in de streek doorheen gereden zijn. Maar tja, wij zijn natuurlijk amateurs op dat gebied. Zo is de flat waar wij in wonen ook tot gemeentelijk monument verklaard, maar volgens ons alleen om de gemeentekas te spekken.
's Avonds brengen we een bezoekje aan Durbuy, het stadje dat niet ver van ons vakantiepark ligt. De restaurants en hotels rond het centrale plein zijn sfeervol verlicht en men is al bezig kraampjes op te zetten in de smalle straten van het oude centrum voor de kerstmarkt. Het is leuk om er even doorheen te banjeren, er hangt echt al een kerstsfeer.
Maar het is koud en na een uurtje vluchten we een leuk uitziend restaurant binnen (zie de foto). Maar de ober is behoorlijk grof en onbeleefd en de prijzen zijn hoog. De soep smaakt nergens naar en is met veel toegevoegd zout en peper net te eten, het glas bier is maar half vol (toch altijd beter dan half leeg, nietwaar!). Als we na een half uur wachten nog geen dessert hebben gehad (hoorde bij het menu, konden we ook niets aan doen), vragen we maar om de rekening, als we eindelijk de ober hebben gevonden. Hij zegt zelf ook niets over het dessert, maar van ons mag hij het zelf opeten. We zijn blij als we weer buiten staan.





