Home -> Denemarken -> Algemene informatie
Informatie over Denemarken
Weetjes
Geografische gegevens
Bevolking
Talen
Geschiedenis (aparte pagina)
Klimaat
Flora en fauna
Economie
Toerisme
Het aktuele weer
Allerlei weetjes over Denemarken (zomer 2002)
Kongeriget Danmark (Koninkrijk Denemarken)
43.000 km2, iets groter dan Nederland
5,3 miljoen (juli 2003)
125 mensen per km2
Kopenhagen
Deense kroon (DKK); 1 kroon is € 0,14; 1 euro is 7,7 DKK (zomer 2002)
De wegen zijn prima
Benzine: € 1,05 tot € 1,12; Diesel: € 0,85; LPG: € 0,60
DK
45
.dk
Denemarken is aanmerkelijk duurder dan Nederland, maar goedkoper dan Zweden of Noorwegen.
GMT+1; dezelfde tijd als in Nederland
Kopenhagen vonden we erg leuk om een halve dag doorheen te wandelen en ook de stadjes aan de kust van het vaste land zijn grappig.

Geografische gegevens
Het koninkrijk Denemarken (Kongeriget Danmark) ligt in Noord-Europa, in het westen grenzend aan de Noordzee, in het noorden aan het Skagerrak en in het oosten aan het Kattegat, de Sont en de Oostzee, op een schiereiland ten noorden van Duitsland (Jutland). Behalve de twee grote eilanden Sjaeland en Fyn zijn er honderden kleinere eilanden, waarvan er ongeveer 100 bewoond zijn. Het landoppervlak bedraagt ruim 42.000 vierkante km, iets groter dan Nederland. De kustlijn is 7314 km. lang, terwijl de landsgrens met Duitsland slechts 68 km. lang is. De lengte van de kustlijn is vooral zo lang door de vele inhammen en fjorden. Het aantal inwoners bedraagt ruim 5,3 miljoen.
Het landschap is van vrij vlak tot licht heuvelachtig (laagste punt Lammefjord, -7 meter en hoogste punt Yding Skovhoej met 173 meter).
Ook de Faroe eilanden en Groenland behoren officieel tot Denemarken. De bevolking op Faroe bestaat voornamelijk uit afstammelingen van Vikingen die zich vanaf de 9e eeuw op de eilanden vestigden. Faroe bestaat uit een archipel van 18 eilanden, ten noordwesten van Schotland, halverwege IJsland en Noorwegen. De totale oppervlakte is 1399 km2 en de hoogste berg is 882 meter. Sinds 1948 zijn de Faroe eilanden een Deense regio met zelfbestuur. Er is een eigen parlement en een eigen vlag. Faroe is echter geen lid van de EU. Er wonen ruim 48.000 mensen.
Groenland is het grootste eiland ter wereld met een oppervlakte van 2.175.000 km2, waarvan ruim 340.000 km2 ijsvrij. Het ligt ten noordoosten van Canada en er wonen ruim 56.000 inwoners. Het hoogste punt van Groenland is 3700 meter.

Bevolking
Er wonen ruim 5,3 miljoen mensen in Denemarken (in 2001), waarvan een kwart (1,4 miljoen) in Kopenhagen. De gemiddelde bevolkingsdichtheid bedraagt ongeveer 124 per km2. De minst dicht bevolkte districten zijn Viborg en Rinkøbing met maar 50 inwoners per km2. Bijna 90% van de bevolking woont in steden. Behalve Kopenhagen zijn dat Århus (265.000), Odense (173.000) en Aalborg (155.000). De gemiddelde levensverwachting is 77 jaar. 3% van de bevolking is allochtoon, waarvan het merendeel Duitsers en ScandinaviŽrs. Op Zuid-Jutland woont een kleine minderheid Duitssprekende Denen.
Opmerkelijk is dat tweederde van de bevolking een achternaam heeft die op - sen eindigt. 23% van de bevolking heeft Jensen, Hansen of Nielsen als achternaam.
Op de Faroe eilanden wonen ruim 48.000 inwoners en op Groenland ruim 56.000 (in 2001). De bevolkingsdichtheid op Groenland is gemiddeld 0,16 per km2, maar in werkelijkheid leven de meeste mensen in een aantal steden en dorpen.

Talen
De officiŽle voertaal in Denemarken is Deens. Veel Denen spreken echter ook Engels en Duits. Daarnaast wordt Groenlands (een Inuit dialekt) op Groenland gesproken en Faroees op de Faroe eilanden. In een klein deel van Zuid-Jutland wordt Duits gesproken. Faroees stamt van het oude Noors af.
Deens, Zweeds en Noors lijken enigszins op elkaar en veel geschreven woorden zijn ook voor ons wel herkenbaar. De klanken zijn echter heel anders, ook tussen de Scandinavische talen onderling.
De letters æ, ø, en å komen helemaal achter in het alfabet, na de z. Het moeilijke van het Deens is dat het anders uitgesproken dan geschreven wordt. Het uitgesproken Deens heeft klanken en uitspraak die nergens anders voorkomen.

Klimaat
Net zoals in Nederland en BelgiŽ heerst in Denemarken een gematigd zeeklimaat, zodat de zomers over het algemeen koel zijn en de winters nooit extreem koud. Wat betreft temperatuur verschilt het weer in Denemarken weinig van dat bij ons. Vooral de temperatuur van de Noordzee heeft veel invloed. Doordat het land aan alle kanten door zee omgeven wordt, is er over het algemeen wel meer wind dan in Nederland, maar de klimaatverschillen zijn minder groot. Denemarken kent echter wel meer zonuren in de zomermaanden.
In februari is de gemiddelde temperatuur 3°C. Als de wind 's winters uit het oosten waait, kan het zeer koud worden, tot -30°C. 's Zomers kan de temperatuur door diezelfde oostenwind oplopen tot meer dan 35°C, maar de gemiddelde temperatuur in juli bedraagt 15°C. Gemiddeld valt er op het Deense land 600 mm neerslag per jaar. De wind waait meestal uit het westen. Door de vele depressies stormt het aan de westkust gemiddeld meer dan 50 keer per jaar.

Flora en fauna
Flora
Na de laatste ijstijd werd Denemarken een dicht bebost land, maar nu bestaat nog zo'n 11% van het landoppervlak uit bos. Dit komt voornamelijk doordat vrijwel al het land is gekultiveerd en het klimaat is veranderd. Door de ontbossing zijn bijna alle eikenbossen verdwenen. Berkenbossen komen nog wél voor en de groene beuk is de nationale boom van Denemarken. In Jutland bevindt zich het grootste, voornamelijk uit naaldbomen bestaande Deense woud. In Noord-Jutland komen uitgestrekte heidevelden voor. In Denemarken komen ongeveer 1500 plantensoorten voor, ongeveer vergelijkbaar met Nederland. Door de kultivering van het land komt eigenlijk alleen langs de kust nog een natuurlijke vegetatie voor.
In het noorden en noordwesten van Jutland ontstonden als gevolg van de slechte afwatering uitgestrekte hoogveenmoerassen.
Aan de kust komt de bijzondere roze-witte strandroos voor. De nationale bloem is de margriet.

Fauna
De wildstand in Denemarken is in de 20e eeuw sterk teruggelopen. Eland, oeros en zelfs wilde zwijnen komen niet meer voor. Hertensoorten leven voornamelijk nog in parken. Kleine rovers als de marter, das, otter en vos komen nog steeds voor maar hun aantal verminderd elk jaar. Met name de otter wordt sterk bedreigd. Van de zeeroofdieren komt naast de gewone zeehond de grijze zeehond voor. In de kustwateren zijn regelmatig bruinvissen en tuimelaars te zien. Van de vleermuizen zijn er alleen gladneuzen.
In de rivieren en beken kan gevist worden naar o.a. forel, sneep, baars en snoek. Zeevissers vangen veel kabeljauw, geep, zeeforel, koolvis, griet en haring.
In 1995 werd het aantal gewervelde diersoorten op 424 geschat, waarvan 49 zoogdieren, 209 vogelsoorten, 5 reptielen, 14 kikkers, 37 zoetwatervissen en 110 zoutwatervissen. Het aantal ongewervelde soorten is minder zeker, maar ligt rond de 21.000 waarvan 18.000 insektensoorten. 54% van de dieren leeft in de bossen.

Economie
Na de 2e wereldoorlog is Denemarken snel ontwikkeld tot een uiterst gemoderniseerd land met een moderne marktekonomie. De levensstandaard is hoog en de sociale voorzieningen zijn goed. Denemarken is weliswaar sterk afhankelijk van de handel met andere landen, maar er is al jaren sprake van een handelsoverschot. De landbouw neemt nog steeds het meeste land in gebruik, hoewel het niet meer de belangrijkste bron van inkomsten is (industrie).
Landbouw:
Tweederde van het land wordt gebruikt voor de landbouw. De landbouw is vooral gericht op de export naar de Europese Unie. De meeste bedrijven zijn vrij klein met minder dan 20 ha grond. Er werken wel steeds minder mensen in de landbouwsector en steeds meer landbouwgronden worden gebruikt voor toeristische activiteiten. Belangrijke producten zijn aardappelen, suikerbieten en koolzaad. Denemarken is koploper in Europa wat de biologische landbouw betreft. Zo is een kwart van de melk die de Denen konsumeren op biologische wijze geproduceerd.
De tuinbouw produceert vooral fruit, groente en kruiden. Opbrengsten uit de bosbouw betreft vooral de export van kerstbomen.
Visserij
Denemarken behoort tot de grootste visserijlanden van Europa, hoewel het qua opbrengsten in het niet valt bij inkomsten uit de industrie en de landbouw. Kabeljauw, platvis en haring zijn de belangrijkste soorten die gevangen worden en daarna verwerkt worden tot visolie, vismeel en visconserven. Duitsland neemt de meeste visproducten af. Voornaamste vissershavens zijn Esbjerg, Hirtshalsen en Skagen.

Import:
De belangrijkste importlanden zijn: Europese Unie (72%, waarvan Duitsland en Zweden de belangrijkste), Noorwegen (4,2%) en de VS (4,5%). De belangrijkste importprodukten zijn: voertuigen en andere transportbenodigdheden, halffabrikaten en kapitaalgoederen, chemicaliŽn, machines, konsumentengoederen. Export:
De belangrijkste exportlanden zijn: Europese Unie (66%, waarvan Duitsland en Zweden de belangrijkste), Noorwegen (5,8%) en de VS (5,4%). Belangrijkste exportproducten: halffabrikaten, landbouwproducten, machines, vlees, vis, schepen.
Infrastruktuur:
De lengte van het wegennet is ruim 70.000 km. waarvan 10% snelweg is. Er is ongeveer 3.000 km. aan spoorwegen. Verkeers- en brugverbindingen spelen een belangrijke rol in het Deense verkeer. Er zijn veerbootverbindingen met Zweden, Noorwegen, Duitsland en Groot- BrittanniŽ.

Toerisme
Veel toeristen uit zuidelijker landen gebruiken Denemarken alleen als doorreisland naar de andere Scandinavische landen, Noorwegen en Zweden. Ook is het toeristische aanbod in Denemarken niet zo groot of spectaculair als in veel andere landen.
Toch heeft Denemarken de bezoeker genoeg te bieden, zeker in Kopenhagen, maar ook zijn er pretparken, uiteraard Legoland en vele andere attrakties en musea in het hele land.

Het weer in Denemarken op dit moment
Kopenhagen Århus Esbjerg Roskilde