Lekker uitgerust worden we wakker en we hebben geen idee
wat we gaan doen. Iain moet nog steeds zijn jeep ophalen uit Lossiemouth
dus we bieden aan hem erheen te rijden en daarna gaan wij wel verder
daar in de buurt rijden. Het is wat grijzig buiten maar niet heel erg
koud.
In Lossiemouth moeten we eerst een ijsje eten dat volgens Iain de lekkerste
van heel Schotland is. De verkoopster zegt echter dat er een nog lekkerder
smaak is en Teije krijgt nog een tweede bak ijs voorgeschoteld. Het
is inderdaad lekker, maar ik herinner me nog veel betere...
Nadat we Iain hebben afgezet rijden we zelf verder naar
het oosten, zoveel mogelijk de kust aanhoudend. Ook hier zijn mooie
stranden en ja hoor, ook kasteeltjes. We krijgen twee grappige gate
lodges te zien, maar het kasteel zelf niet.
Wel treffen we een paar varkenshouderijen die wel heel goed
voor hun beesten zorgen: ieder varken heeft een eigen terrein en een
huisje. Moeders met jonkies hebben duidelijk een groter terrein en alles
ziet er goed verzorgd uit. Alleen de mannetjes zitten op elkaar gepropt
maar die hebben tenslotte ook maar 1 doel in hun leven. Nou ja, 2, want
aan het einde ervan worden ze uiteraard ook opgegeten.
Bij Spey Bay is het strand op de kaart nog wel mooigekleurd
maar in het echt liggen er vooral scherpe rotsen. Het is ook nog geen
weer om te gaan badderen en we rijden verder langs de kust en stoppen
in de buurt van Sandend waar een kasteel te zien moet zijn: Castle Findlater.
Een vogeltje probeert ons op de wandeling weg te lokken en vliegt wel
twee kilometer lang van paaltje tot paaltje voor ons aan. Het is een
hele tippel en zo vinden we Findlater heel wat later dan gedacht.
Slechts een smal voetpad geeft toegang tot de klif waarop
nu nog de restanten van kasteel Findlater staan. Aan de ene kant natuurlijk
een heel strategische plek, anderzijds denk je: waarom hier een kasteel
neerzetten? In de roerige middeleeuwen was het echter een zaak van belang
om je clan te beschermen tegen anderen want clanoorlogen waren aan de
orde van de dag. Teije vecht ondertussen in de verte zijn eigen oorlog
uit met de erg stekelige distels die hier het land bedekken (en even
later met al het ijs in zijn maag, gelukkig zijn er bosjes genoeg in
de buurt!).
Via Keith en Huntly (mooi plaatsje, hebben we ook al eens
overnacht) rijden we weer naar het westen. Bij Dufftown laat onze tomtom
ons helemaal in de steek als we naar het Balvenie Castle willen rijden.
Volgens het navigatiesysteem staan we er op een bepaald moment vrijwel
bovenop maar we zien helemaal niets in de omgeving. Waarschijnlijk rijden
we een volgende keer er zo langs.
We zitten nu midden in Spey Side, het gebied waar de meeste
whisky distilleerderijen van Schotland bij elkaar staan. In Dufftown
zien we sowieso al vier verwijsbordjes: Glenfiddich, Glenlivet, Balvenie
en Aberlour (maar er zijn nog een paar meer). De rivieren die vanaf
de bergen in de Grampian Mountains stromen zijn het verse water dat
wordt gebruikt voor het Schotse levenswater. Veel van deze stokerijen
zijn ontstaan doordat de faam van de illegaal gestookte whisky uit deze
streek bekend werd in de rest van het koninkrijk en men daar voordeel
uit probeerde te halen door een legale stokerij te beginnen.
De rivier Liver zal het meest bekend geworden zijn van de
whisky met dezelfde naam, wij stoppen even bij de oude 16e eeuwse brug
van Livet die uit 3 bogen bestaat. Naast de parkeerplaats staan een
paar leuke huisjes waarvan er één te koop staat. We speculeren
maar dat de bewoners genoeg hebben van de overlast van toeristen zoals
wij.
Bij Bridge of Avon zien we ons volgende poortwachtershuisje,
misschien hoort het wel bij Ballindalloch kasteel. Dat moet erg mooi
zijn, maar het is bijna avond dus dat bezoeken we een andere keer wel.
We reppen ons nu eerst terug naar Beauly want we weten dat er andere
Nederlanders zijn gearriveerd die lid zijn van ons Schotlandforum en
het lijkt ons wel leuk ze te ontmoeten in Schotland zelf.
Maar onderweg wordt onze aandacht toch weer afgeleid door
de mooie vergezichten en gebouwen die op kasteeltjes lijken. Voor dit
kleine kasteeltje in de buurt van Advie rijden we kilometers om, gewoon
om een goed zicht op het gebouw te krijgen. Uiteindelijk zijn we in
de buurt van de toegangspoort en een klein oud autootje rijdt het terrein
op. We fantaseren maar dat de eigenaar zoveel schulden heeft door zijn
riante woning dat hij een kantoorbaantje heeft en in een oude aftandse
auto moet rondrijden om nog een beetje te kunnen rondkomen. Nou treft
het dat wij zijn kasteeltje best wel voor een zacht prijsje willen overnemen...
Iets verderop zien we vanuit de auto een mooi gebouwtje
maar het is druk op de weg en we zien het niet goed. We rijden 2 keer
heen en weer omdat er niet echt een stopmogelijkheid is en redelijk
wat verkeer. Als we dan wel kunnen stoppen blijkt het een oud kerkje
te zijn dat ook zo in Normandië had kunnen staan, waarschijnlijk
romaans. Wij hebben niet zoveel verstand van bouwstijlen maar we herkennen
een mooi gebouw meestal wel als we het zien. En als wij een torentje
zien dan zijn wij heel snel tevreden.
Het duurt nog een tijdje voor we terug in Beauly zijn
maar als we de kroeg inlopen zien we dat Wilma en Luuk al gearriveerd
zijn. Van Iain en Cathy wisten we dat ze zouden komen en we hebben ze
eenmaal eerder gezien, namelijk op de eerste bijeenkomst van ons Schotlandforum
vorig jaar. Omdat we Schotland als grote passie delen hebben we heel
wat af te kletsen en het is reuze gezellig. Maar Cathy komt ons tussendoor
waarschuwen dat ons eten klaar staat.
We krijgen vanavond weer goed te eten: varkensvlees met
wel heel veel vet eraan. We denken aan de diervriendelijke varkensboerderijen
die we hebben gezien vandaag en Cathy beaamt dat dit varken ook gekocht
is bij een boer die zijn dieren veel ruimte geeft. Daar koopt ze het
liefst vlees want dan zit er lekker zoveel spek aan. Nou, voor ons had
het best wel wat minder mogen zijn en we leggen maar uit dat onze maag
er niet zo goed tegen kan... Meestal komen we hier een paar kilo aan
als we te lang blijven, maar dat zegt ook dat er goed voor ons gezorgd
wordt en dat Iain en Cathy goede koks zijn, wij weten het, op de vettigheid
na, meestal goed te waarderen.
Na het eten brengen we nog een leuke tijd door in de pub.
Heerlijk als je je zo kan thuisvoelen op een plek!