En alweer beginnen we de dag lekker rustig. Na het ontbijt
ploffen we eerst uitgebreid op een terrasje langs de Nijl neer voor wat
koffie. Er valt al genoeg te genieten door te kijken naar het langs wandelend
publiek, in- en uitheems en het verkeer op de Nijl. Daarna nemen we een
taxi naar de westoever, maar de chauffeur wil absoluut geen prijs van tevoren
afspreken. Geld speelt geen rol, zegt hij. Jammer voor hem, maar we kennen
het 'normale' toeristentarief, 40 pond voor een halve dag plus nog wat fooi.
Eerst laten we ons naar Medinet Habu rijden, de dodentempel
van Ramses III hoewel meer farao's eraan gewerkt hebben. Het is alweer
zo'n reusachtig complex waarvan de muren van onder tot boven beschreven
zijn met hierogliefen en wandtekeningen, ondermeer hoe de farao zijn vijanden
vernietigt.
In de binnenhoven staan meer afbeeldingen van de farao die
de goden aanbidt, maar voor het publiek moest vooral toch de kracht en de
macht van de goddelijke farao worden getoond. En overal weer mooie zuilen.
In deze tempel is iets meer kleur bewaard gebleven
op de muren dan in de meeste andere tempels in Luxor. Hiernaast de god
Anubis (god van de mummificatie), die de jakhals als heilig dier had en
daarom met jakhalskop wordt uitgebeeld.
Wanneer we terug komen uit de tempel blijkt de chauffeur naar
de moskee gegaan te zijn om te bidden. Wij wachten rustig op een terrasje
met een kop muntthee. Het is wel lekker warm, maar regelmatig drijven er
wolken voor de zon langs en er staat een stevig briesje. Dat is ook de reden
dat we vandaag niet zijn gaan fietsen.
Dan brengt hij ons naar de Vallei der Koninginnen waar een
aantal vrouwen van farao's, maar ook veel prinsen, begraven liggen. De graven
hier zijn kleiner dan die in de Vallei der Koningen maar de kleuren en schilderingen
zijn veel beter bewaard gebleven. Helaas moeten we bij ieder graf onze camera
inleveren en is het mooiste graf, dat van koningin Nefertari (vrouw van
Ramses II) gesloten. Wanneer het weer opengaat is onbekend.
We zijn al weer heel wat uren zoet geweest met het bezoeken
van de tempel en de graven in het dal en we laten ons daarna terugrijden
naar Luxor. De graven van de edelen en de arbeiders die in de dorpjes op
de westoever liggen bewaren we voor een volgend bezoek. We vragen de chauffeur
ons af te zetten bij het Mövenpick hotel, dat bekend staat om z'n lekkere
ijs. Ik geef hem 40 pond en nog eens een los tientje als fooi. Hij kijkt
sip en vraagt om minstens 20 pond meer, maar dit is nou eenmaal de prijs.
Wanneer je weet dat de meeste Egyptenaren die in het toerisme werken (obers,
taxichauffeurs e.d.) maar 200 pond (€ 30) per maand verdienen en benzine
vrijwel niets kost, is 50 pond een aardig bedrag.
We nemen een kleine maaltijd en de mussen vallen op
de resten aan zodra mensen van hun tafel vertrekken. Obers jagen ze met
kranten weg. Het is hier decadent, maar wel heel lekker om even uit te
blazen.
En natuurlijk moeten we nog een echte Mövenpick sorbet,
met koffie-caramel ijs. Het is een flinke beker voor nog geen 2 euro die
we samen naar binnen werken.
De zonsondergang zien we dit keer vanaf een Nijlterras en
het wordt merkbaar kouder wanneer de zon achter de horizon verdwenen is.
Volgens de weersvoorspellingen die we op internet lazen wordt het de komende
dagen weer warmer, tegen de 25 graden.
's Avonds eten we nog een soepje in het hotel en we hebben
een ober die steeds maar zegt dat hij 'tomorrow' terugkomt. Uiteindelijk
krijgen we door dat hij de betekenis van het woord niet kent en 'straks'
bedoelt. Do you want the soup now or tomorrow? Bijna iedereen kent wel wat
Engels hier, maar vaak zijn het alleen losse woorden. Ik weet dat mijn Engels
hier ook behoorlijk verpest is, want je gaat op dezelfde manier terug praten.
Vloeiend Engels verstaan ze niet en met Engelsen en Amerikanen hebben ze
meer moeite die te begrijpen dan mensen die steenkool-Engels spreken.