Ook vandaag beginnen we lekker rustig aan. Gelukkig
waait het een stuk minder dan gisteren en het voelt daardoor meteen al
een stuk warmer aan. Na wat rondgelopen te hebben gaan we eerst uitgebreid
koffie drinken op het terras langs de Nijl waar we de afgelopen dagen
vaker zitten, het Metropolitan restaurant.
Daarna nemen we het pontje naar de westoever waar
we weer een fiets huren. Bij de Memnonkolossen is nu een grote groep Arabieren
bezig de grond af te spitten. Het is het seizoen voor opgravingen.
Onze eerste bezoek is aan het Ramesseum, de dodentempel van
Ramses II. Naast elkaar liggen hier meerdere dodentempels maar van de meeste
is weinig meer overgebleven. Ook hier is men bezig aan de randen van het
terrein brokstukken bij elkaar te passen en worden er beelden gereconstrueerd.
Op onze krakkemikkerige fietsjes, die heel wat slechter
zijn dan degene die we een paar dagen geleden hadden, fietsen we langs
armoedig uitziende dorpjes. Maar de bedelende kinderen hebben allemaal
goud in hun oren hangen, dus zo armoedig kan het toch ook niet zijn.
Vlakbij ligt de tempel van Hatsjepsoet
waar we dan heen gaan. Een indrukwekkende terrastempel die bijna uniek
is voor Egypte. Alleen de tempel ernaast die 600 jaar ouder is heeft dezelfde
vorm.
Hatsjepsoet was één van de weinige vrouwelijke
farao's, maar ze liet heel duidelijk merken dat ze mans genoeg was om
farao te zijn. Het was een periode van voorspoed in Egypte en haar tempel
laat zien dat ze daar trots op was. Helaas heeft haar opvolger veel van
haar beelden verwoest en afbeeldingen uit laten beitelen.
Eén van de dingen die ze deed was het organiseren
van een expeditie naar Punt, een land dat waarschijnlijk ergens in Ethiopië
lag. Van daar werden exotische beesten meegenomen en bomen (of zaden ervan)
die ze voor haar dodentempel plantte.
De tempel ligt prachtig tegen de rotsen gebouwd waarachter
de Vallei der Koningen ligt. Je kunt over de bergen heen klimmen maar
dat is iets teveel gevraagd van ons... Vanaf hier hebben we ook een mooi
uitzicht over de Nijlvallei en het bewoonbare gebied.
We hebben weer uren in tempels doorgebracht en het wordt tijd
voor een verfrissing. We brengen de fietsen terug en drinken een kop thee
met de verhuurder. Daarna zitten we nog even op het dakterras van het Nile
Valley hotel.
Vanaf het terras slaan we het dagelijkse leven van
de Egyptenaren gade: twee jochies binden hun ezeltjes vast aan een hek
en gaan spelen. Even later staan er vier ezeltjes luidruchtig tegen elkaar
en passerende ezels te balken.
Ook de kamelen komen van stal. We hebben nog niet veel toeristen
erop zien rijden, maar om 4 uur worden ze hier bij elkaar gedreven. Wanneer
we deze foto maken wordt ons meteen om geld gevraagd. 'Waarom', vragen we,
maar een antwoord krijgen we niet. We moeten maar betalen na het kameelritje,
maar daar hebben we geen zin in.
Ok, het verslag is wat korter dan anders maar de dag was even
lang: tientallen Egyptenaren die we hebben afgewimpeld op hun vraag of we
iets wilden kopen of doen. Nee, we willen geen taxi, nee we willen geen
koets, nee, we willen geen zeiltochtje maken, nee, we willen niet naar Banana
Island enz. enz. Nee, we willen geen gids, nee, aardig dat je ons uitleg
hebt gegeven, maar we hebben er niet om gevraagd, zelfs gezegd dat het niet
hoefde, dus krijg je ook geen geld... Af en toe word ik er wel heel moe
van. Lalalala... La is Arabisch voor 'nee'. Een heel belangrijk woordje
hier.