Een rustig dagje vandaag en we beginnen lekker lui: uitgebreid
ontbijten, een boek lezen en even niets hoeven. We krijgen wel eens de opmerking
dat we zoveel in de auto zitten, maar dat is dus niet altijd zo. Wel vinden
we het leuk om in ieder geval iets te zien of te doen op een dag. Alleen
bij de tent zitten of op een strand is er meestal niet bij. En wat het autorijden
betreft: we stoppen heel vaak om even te picknicken, een kop koffie of thee
te drinken of gewoon om wat te wandelen of een foto te maken.
Ook hebben we nu even tijd om de waarde van de HUF eens uit te rekenen,
we kwamen er gisteren maar niet uit. Een HUF (Hongaarse Forint) blijkt bijna
dezelfde waarde te hebben als een oude nederlandse cent! 100 HUF is dus
gewoon een gulden, oftewel € 0,45. In Polen was het gemakkelijker,
4 Zloty was een Euro en in Slowakije 40 kronen een Euro. Nu rekenen we dus
alles naar guldens en vervolgens naar Euro's.
Rond het middaguur vertrekken we om een ritje te maken door
het nationale park, Bukki Zemzeti. Het is een klein gebied waar toch bergen
liggen tot meer dan 950 meter hoog. Het is snikheet en we zijn dan ook blij
wat op grotere hoogte in de schaduw van de bossen te kunnen rijden. Na een
paar uur komen we in Lillafüred, waar we gisteren al doorheen gereden zijn.
Het pseudo-Gotische hotel (hiernaast op de foto) domineert het dorpje.
Eigenlijk willen we de grotten bezichtigen, maar er
zijn niet voldoende mensen en de tocht gaat niet door. Onder het hotel
gaat een pad naar een van de grotten waar ook deze mooie waterval te zien
is.
Zodra we stilstaan in de zon begint het zweet van ons af te
druipen, zo heet is het, maar wanneer we weer terugrijden richting Eger
verandert de lucht ineens. Donderwolken verduisteren de zon en er steekt
een stevige wind op. Gelukkig wordt het ook iets minder warm.
In Eger aangekomen is de dreiging van onweer weg, maar het
blijft vochtig warm. We lopen een tijdje door het centrum dat vol staat
met barokke gebouwen. Een tweede stijl die veel voorkomt is het classicisme,
een wat kille bouwstijl, vinden wij.
Ooit was Eger een Turkse stad, maar daar is weinig meer van
te zien behalve deze losstaande minaret. De oriëntaalse sfeer die nog
een beetje te vinden zou moeten zijn in de kleine steegjes (volgens de reisgids)
komen wij niet tegen.
Maar wanneer we op een terrasje neerploffen, worden we wel
vergast op een soort middeleeuws volkstheater. Kunstenaars met poppen verbeelden
de strijd tussen de Hongaren en de Turken, tenminste dat maken wij van het
verhaal. Met muziek en dans maken ze er een heel boeiend spektakel van.
Ondertussen begint de lucht weer blauw te worden en het is
toch nog aangenaam in de buitenlucht. Morgen zijn we van plan Budapest aan
te doen, maar nu moeten we ons eerst nog een beetje inlezen en voorbereiden.