De hele nacht waait het flink en af en toe valt er regen.
De volgende morgen is de lucht grijs en we zijn blij dat we weer wat naar
het zuiden gaan afzakken. Op de waterval tegenover ons huisje na, bevalt
het ons hier niet echt; het is koud en onaangenaam.
Opnieuw moeten we, na het passeren van enkele enge tunnels,
tol betalen om het eiland te verlaten. Leve de creditcard waardoor we pas
later zullen merken hoe duur dit is. Omdat we vrij vroeg zijn, nemen we
op een bepaald moment de weg naar Hammerfest, de noordelijkste stad van
Europa. Maar er wordt aan de weg gewerkt en de meeste tijd kunnen we niet
harder dan 30 km. per uur.
De stad is al 3x volledig herbouwd nadat het z'n stadsrechten
kreeg in 1789 en het ziet er dus redelijk modern uit. Maar een hamburger
voor 200 kroon (€ 28,50) is ons toch iets teveel van het goede. We
wandelen wat rond door het centrum en de leuke haven, maar met een foto
van de kerk (in de vorm van een droogrek voor vis) en de ijsbeer een eindje
voor het stadje volstaan we. Ook op de markt is het allemaal erg duur.
Vanuit de verte ziet Hammerfest er nog het leukste uit en
ook de dorpjes in de omgeving. Het prettigste is het weer dat verandert
in warm zomerweer zodra we het eiland Magerøya verlaten.
Op de tergend langzame weg terug zien we steeds meer heuvels
en bergen met ijs. En opeens is daar, in the middle of nowhere, een Laps
kerkje met sneeuwbergen op de achtergrond.
En een stukje ijsvlakte waar we per sé op de foto willen.
Weten wij veel dat we nog dagenlang tegen ijs op zullen kijken. We dachten
dat het hier vrij uniek zou zijn om in de zomer op het ijs te staan, maar
dat is het dus niet.
Wanneer we bij de Altafjord komen zien we het stadje in de verte
liggen, maar ook een hoosbui die daar blijkbaar naar beneden valt. Het duurt
even voor we Alta zelf bereiken dat bestaat uit 4 aan elkaar verbonden plaatsen.
En we komen de enige flitspalen tegen boven de poolcirkel. Het dorpje (stadje?)
houdt maar niet op en wanneer je even wat wil versnellen zie je weer zo'n
ellendige flitspaal. Het lijkt Stadskanaal wel!
In Hjemmelluft, het meest westelijke dorpje van Alta, bezoeken
we de beroemde rotstekeningen van Alta, variërend van 7000 tot 2500
jaar oud. De tekeningen zijn in de rotsen gekerfd en tegenwoordig met okerkleur
ingekleurd om ze duidelijker te laten opvallen.
Naast mensen op jacht, vormen rendieren en elanden een belangrijk
onderdeel van de tekeningen. Rond het museum is een heel gebied met rotstekeningen
en het is een flinke wandeling om alles te zien. Het museum biedt meer boeiende
informatie over de geschiedenis van dit gebied.
Een indrukwekkend openlucht museum dat zeker een bezoek waard
is, vooral door de duidelijke tekeningen. Je kunt je precies voorstellen
hoe kunstenaars of sjamanen hier hun werk hebben verricht.
Voor morgen hebben we een hut gereserveerd in Alta, maar we
moeten nu eerst iets voor vannacht regelen. We rijden eerst door naar het
westen, in de hoop een dorpje met een hotel tegen te komen. Maar na bijna
50 km. van Alta hebben we nog steeds niets gezien en besluiten terug te
rijden naar de kamping waar we morgen ook moeten zijn.
Daar betalen we iets bij en nemen een wat luxere hut (met
water en douche). Dit wordt de eerste keer deze reis dat we ergens 2 nachten
verblijven en we genieten er van. Even een rustpauze.