Meestal genieten wij een vakantie lang van de vakantie, alle
dagen zien we weer nieuwe dingen, maar opvallend is dit keer dat we op deze
dag de meeste foto's hebben gemaakt, bijna 150 stuks. Zou dit dan de mooiste
dag zijn geweest? Maar voor ons is elke dag vakantie een geweldige dag en
tijdens de reis maken we weinig onderscheid tussen de dagen. Het belangrijkste
is dat wij proberen te genieten en de omgeving en de landschappen en de
avonturen kunnen daar een steentje aan bijdragen. Vandaag was een fantastische
dag als iedere dag (behalve wanneer we gewoon aan het werk zijn in ons saaie,
vlakke Nederland, vol met regeltjes, geboden en verboden). Genoeg over Nederland,
vandaag zijn we in Noorwegen en maken een geweldige reis.
Iets voorbij Oppdal begint het Dovrefjell reservaat, een natuurpark
waar we doorheen rijden met mooie uitzichten. We wilden hier een wandeling
maken of in ieder geval even rondkijken, maar veel mogelijkheden daartoe
zijn er niet. Dus rijden we door en nemen een smalle en steile binnenweg
bij Nord-Sel naar Vågåmo waar we onze eerste staafkerk zien.
Staafkerken (stavkirker) zijn gebouwd in een aparte bouwstijl
die staanderbouw wordt genoemd. Dwars door de fundering heen werden palen
(staven) in de grond geslagen die het dak droegen. Daaromheen werd de houten
kerk afgebouwd. Er zijn nog 32 over van de bijna 1300 die er in Noorwegen
waren; de meeste zijn afgebrand of afgebroken. De staafkerk van Vågåmo
werd voor het eerst vermeld in 1130.
Vlak voor Vågåmo nemen we dan de partikuliere
tolweg naar Blåhø, een bergtop van 1618 meter hoog waar we
met de auto tot aan de top kunnen komen. Allengs wordt het landschap kaler,
de weg slechter en de afgronden dieper. Dertig km. per uur is wel het maximum
dat we kunnen rijden.
We zitten bijna tussen de wolken wanneer we boven zijn. Er
staat een hoge toren waarvan de funktie ons geheel onduidelijk is en er
schijnt een graf van iemand te zijn. Het landschap is dor, steenachtig en
verlaten, maar het uitzicht is prachtig. En op de terugweg komen we voor
de zoveelste keer onze buren tegen.
De volgende interessante plaats is Lom waar eveneens een heel
bekende staafkerk staat, hoewel het plaatsje maar 700 inwoners heeft. De
kerk dateert oorspronkelijk uit ca. 1150, maar is in de loop der eeuwen
meermalen verbouwd.
We vervolgen onze weg door het Ottadal waar we overal om ons
heen watervallen en stroomversnellingen zien. Tijd voor een lunchpauze en
wat klauteren.
En ook hier zien we af en toe bomen met kale boomstammen, hoewel
niet zo vaak als in Finland. Zure regen of worden de basten gepeld zoals
de kurkeiken in Portugal? Of, net als in Finland, een gebrek aan zonlicht?
Gebrek aan water kan het haast niet zijn.
Bij Grotli nemen we weg 258, een smalle en bochtige weg zonder
asfalt. Behalve de prachtige uitzichten zien we hier ook ineens ons droomhuisje
staan, een blokhut zoals we zelf ooit ook nog wel eens willen hebben.
Wie hier in de buurt is, moet zeker deze weg nemen; tientallen
foto's hebben we gemaakt van de helderblauwe, bijna groene meren van smeltwater,
de skiërs boven op de bergen en van de bergen zelf en de afgronden.
Ook hebben we langs de weg onze auto eens goed schoongemaakt
met gletsjerwater en alle dode muggen eraf gewassen. We komen niet eens
zo veel auto's tegen op deze schitterende weg.
De afdaling naar de grote weg is ronduit spektakulair, met
een ongelooflijk mooi uitzicht op het bijna 1200 meter dieper gelegen dal.
Terug op de 'grote weg' gaan we eerst weer naar het noorden want we willen
ook nog naar de Geirangerfjord, die wel de mooiste van Noorwegen wordt genoemd.
Maar eerst moeten we naar Dalsnibba, een top die op 1465 meter ligt en vanwaar
we schitterend uitzicht hebben op het dal en de Geirangerfjord in de verte.
Het is helder weer, toch wel een vereiste om optimaal van dit
landschap te kunnen genieten. De weg naar de top is een tolweg (50 kroon)
en zelfs op deze smalle en steile, onverharde weg rijden tientallen toeristenbussen
en kampers. Eenmaal boven genieten we volop van het uitzicht. Een vriendelijke
Belg maakt een foto van ons samen met de Geirangerfjord op de achtergrond.
Ook op de weg terug hebben we een prachtig uitzicht over de
omgeving en allerlei verborgen dalen en meren op deze hoogte.
Na de tocht naar Dalsnibba gaan we verder richting Geiranger.
Ons mooiste zicht op de fjord is vanaf afstand waar we de boten en een groot
cruiseschip kunnen zien liggen. Het dorpje zelf telt maar 300 inwoners,
maar is wereldberoemd door deze prachtige fjord met z'n steile hellingen
en mooie ligging.
Uiteindelijk moeten we nu toch eens richting onze kamping
in Loen, maar we kunnen maar moeilijk afscheid nemen van dit schitterende
gebied. Rijdend van Geiranger naar Loen komen we gelukkig nog hele mooie
plaatjes tegen.
Deze dag is werkelijk fantastisch geweest. Zoveel mooie routes
en landschappen op 1 dag. Het is de dag met de meeste mooie dingen, dus
niet per sé de mooiste dag, want wij genieten iedere dag van een
vakantie. Maar vandaag was zonder meer een topdag zoals je ze waarschijnlijk
niet altijd kunt hebben. We overnachten in huisje 15 hoewel Lies per ongeluk
nummer 16 nog even binnenloopt.