Vandaag een lekker ontbijt, dus gewoon 2 gebakken eitjes met
toast voor mij. Het wordt pas tegen 9 uur licht, dus heel vroeg hoeven we
niet op pad.
We rijden eerst langs de kust van Murrisk en de bergen die
veel aan Schotland doen denken, doemen meteen al voor ons op. Heel wat anders
dan de vlakten van Nederland! En tegen alle verwachting in begint de dag
zonnig, terwijl we meer op somber weer en zelfs misschien wat regen hadden
gerekend. Wat hebben we weer een mazzel.
Al gauw zijn we in Connemara, een bergachtige en ruig gebied,
het soort landschap waar we allebei van houden. Het is er zo ongerept en
rustig en overal waar je kijkt is het mooi. Af en toe komen we een dorpje
tegen dat verscholen ligt tussen de bergen, maar ook staan overal huisjes
midden in de natuur.
Het valt me op dat alle (bewoonde) huizen zo groot zijn en
ook heel goed onderhouden. Ik had gedacht dat Ierland veel 'armoediger'
zou zijn, maar dat is het totaal niet. Door heel Ierland blijkt dat de huizen
zo groot zijn: wat moeten ze met al die ruimte? En bij makelaars waar we
naar de prijzen kijken, blijkt dat het echt niet goedkoop is hier een huis
te kopen, beneden de ton (euro's) vind je echt niets!
Dit is Kylemore Abbey, nu een meisjesschool. Het ligt als
een sprookjeskasteel aan het meer tegen de heuvel op gebouwd. Maar we komen
ook veel ruïnes tegen, vaak gewone huizen die niet meer bewoond zijn
en aan hun lot overgelaten worden. Eens woonden er 8 miljoen mensen in Ierland
(midden 19e eeuw), maar door hongersnood en emigratie werd dat aantal snel
kleiner. Momenteel leven er nog ongeveer 5 miljoen mensen in de republiek
en Noord-Ierland samen.
Ik krijg geen genoeg van landschappen als hiernaast en iedere
keer weer denk ik: wat mist Nederland toch veel! Geen bergen, zelfs bijna
geen heuvels, alles moet netjes volgens de regels en zelfs de natuur die
we nog hebben moet 'onderhouden' worden. Terwijl de natuur zo goed voor
zichzelf kan zorgen, zonder mensenregeltjes.
Vlak voor Clifden nemen we een lifter mee, een Fransman. Er
staan regelmatig lifters langs de weg en deze jongen stond zo midden in
de woestenij dat we hem wel mee moeten nemen. In Clifden passeren we toevallig
dit kasteeltje.
En iets verderop komen we een huis tegen die bij een ruïne
is gebouwd. Leuk om zo je eigen burchtmuur en poort te hebben.
Het blijft zonnig en best warm. Vanaf Clifden nemen we de
kustroute aan de zuidkant van de Connemara: smalle wegen met mooie uitzichten.
Wel mogen ze wat verbeteren aan die wegen, je moet continue uitkijken voor
gaten in de weg en de zijkanten met grote inhammen in het asfalt.
In Roundstone lunchen we in een pub en gaat de eerste palmboom
op de foto. Ik vind het geweldig dat hier zoveel palmbomen groeien in de
buitenlucht. Bij mij staan ze op de vensterbank, maar wanneer ze ooit zo
groot worden, dan moeten we toch ergens ruimte hebben om ze buiten te planten.
Turen tegen de zon in, zonder jas en dat in december, heerlijk...
En alweer zo'n gekleurd huisje. Wanneer het regent en bewolkt is, zal het
hier vast somber zijn. Geen wonder dat ze dan de huizen zo kleurrijk maken.
Nog zoiets waar ze in Nederland wel wat van kunnen leren.
Net als in Engeland liggen hier keien zat en zijn overal muurtjes
gebouwd om de stukken land onder te verdelen. Geen ruilverkaveling en nette
rechte vlakken hier, maar allemaal chaotische stukjes land, afgezet met
een keienmuurtje.
Wanneer we de woeste omgeving van Connemara verlaten, rijden
we om Galway heen, hoewel het een leuk oud centrum moet hebben. Maar we
zijn hier maar zo kort en we willen zoveel mogelijk van het hele land zien.
We rijden verder naar het zuiden, richting The Burren.
Vlak voor Kinvarra komen we deze burcht tegen, Dunguaire Castle,
een klein maar geheel gerestaureerd kasteel. In de zomer worden hier middeleeuwse
banketten gehouden.
Kinvarra zelf lijkt een redelijke plaats en we hopen hier
ons volgende hotel te vinden. Maar het enige hotel blijkt (net die dag)
gesloten te zijn en in de B&B's waar we vragen mag niet gerookt worden.
Het is al bijna donker dus rijden we snel terug, richting Galway. Maar al
na een paar kilometer zien we een pub met B&B erop en Teije gaat toch
even vragen. 'Tuurlijk mag je roken', zegt de man in de pub en al gauw zitten
we op een kleine, maar prima kamer.
Een groot deel van de avond zitten we in de pub beneden en
hebben leuke gesprekken met de aanwezige Ieren, vooral de barman, die het
helemaal met ons eens is dat je zoveel mogelijk moet reizen wanneer je niet
werkt. Al pratend krijgen we het ook over de Euro en we vertellen dat we
voor kennissen Ierse eurosetjes aan het verzamelen zijn, maar nog helemaal
geen 1 en 2 centstukken hebben. De barman wil er wel 20 van elk met ons
ruilen. Zo, die hebben we alvast binnen. Teije probeert de streek whiskey
(Powels) en is zeer tevreden. Wanneer we de trap buitenom naar boven opgaan
lijkt het een beetje te vriezen.