Het kille en natte Nederland ontvluchten, dat is de bedoeling.
En zo zitten we daar op Schiphol, op weg naar Cyprus. We zijn geen van beide
ooit op Cyprus geweest; maar er zijn meer nieuwigheden op deze reis: voor
het eerst in bijna 10 jaar reizen we weer eens met de trein, een ervaring
op zich en we zijn zo gelukkig maar een half uur vertraging te hebben. En
voor Lies is het de eerste keer vliegen. Dus een laatste sigaret vlak voor
het vertrek moet de zenuwen nog een beetje doen bedaren.
We hebben beloofd nog even met het thuisfront te bellen, maar
ineens komen we erachter dat we de mobiele telefoon thuis hebben laten liggen.
Paniek, want onze dochters willen ons graag kunnen bereiken. Dus nog snel
een mobieltje kopen op Schiphol, eentje die 'gegarandeerd' werkt in het
buitenland. Niet dus... het beltegoed is alleen op te waarderen vanuit Nederland
maar de telefoon moet eerst nog opgeladen worden. En dat kan pas op Cyprus.
Terwijl we een mobieltje goed konden gebruiken toen onze huurauto het begaf
in the middle of nowhere. Maar dat komt later...
We vliegen met Cyprus Airways en de vlucht duurt ongeveer
4 uur. Gelukkig kunnen we een plaatsje bij het raam veroveren en hebben
zo mooi uitzicht op de Alpen. Rond 6 uur 's middags arriveren we in Larnaka
en het duurt even voordat we onze huurauto krijgen zodat we met schemer
wegrijden.
Even wennen met het stuur aan de 'verkeerde' kant en dan direct
al in het donker rijden. Ook hebben we eerst niet door dat op de verkeersborden
zowel de oude Britse namen voor de steden worden gebruikt als de nieuwe
Griekse namen. Zoals Lemessos en Limassol, Nicosia en Lefkosia. Er zit ook
geen systeem in, de ene keer wordt de ene naam gebruikt, dan weer de andere.
We hebben een hotel in Platres in het Troödes-gebergte geboekt en vooral
de laatste 15 kilometers zijn erg lastig te rijden in het donker. Smalle,
kronkelige weggetjes en weinig verlichting. In Platres zelf aangekomen zien
we nergens een spoor van het hotel en geen mens lijkt thuis om even de weg
te vragen. Het hele dorp lijkt wel uitgestorven, maar dat komt vooral doordat
alle huizen luiken voor de ramen hebben die potdicht zitten en zelfs geen
licht doorlaten. Na een uur zoeken vinden we uiteindelijk iemand die ons
wat aanwijzingen kan geven en uiteindelijk zien we een heel klein bordje
langs een hele steile oprit naar hotel New Helvetia waar we uiterst vriendelijk
worden onthaald.
Platres ligt in het Troödes-gebergte in het midden van
Cyprus. Ons hotel ligt aan de noordkant van dit dorpje dat zich kenmerkt
door de grote hoogteverschillen binnen het dorp zelf. Het leek ons een mooi
centraal punt om van daaruit het eiland te verkennen. Achteraf gezien hadden
we beter een hotel in Limassol kunnen nemen, aangezien we iedere keer weer
dat laatste en lastige stuk van Limassol naar Platres moeten rijden.
Vrijdag 16 februari, de zuid- en oostkust van Cyprus
Vandaag zijn we al vroeg uit de veren om via de kust naar
de zuid-oostelijke punt (Ayia Napa) van Cyprus te rijden. Het is schitterend
en warm weer, een verademing na de kou in Nederland.
Bij Governor's Beach hebben we de blauwheid van de Middellandse
Zee bewonderd en de tropische plantengroei zo vlak langs de kust. Cyprus
ligt dichter bij het Midden-Oosten dan bij Europa en heeft een prettig
warm klimaat.
In plaats van de hoofdwegen nemen we zoveel mogelijk de secundaire
weggetjes en dan zie je heel wat meer van het land. Hoewel het eiland niet
zo heel erg groot is, kost het toch veel tijd om van het ene naar het andere
punt te komen. Er zijn weliswaar vierbaanswegen tussen Limassol, Larnaka
en Nicosia (en ze zijn druk bezig deze naar Pafos uit te breiden), maar
deze hebben we alleen gebruikt wanneer we vonden dat we haast hadden (en
dat was niet vaak het geval).
We hebben deze dag vooral veel om ons heen gekeken en genoten van het landschap
en de zee.
Het zuidoosten van Cyprus, en vooral het gebied bij Ayia Napa
schijnt de laatste jaren uitgegroeid te zijn van een streek met typisch
kleine Cypriotische dorpjes tot uitgebreide toeristische centra. Meestal
is de kern van de oude dorpjes bewaard gebleven, met een kerk of klooster
als centraal punt, maar daar omheen verrijzen overal de hotels, restaurants
en souvenirswinkeltjes. De stranden bij Ayia Napa zijn de beste op Cyprus
met fijn zand.
Voor de bezetting van het Noorden door Turkije in 1974 was Famagusta de
badplaats van de streek, nu is deze stad uitgestorven en militair gebied.
In Ayia Napa houden we een uitgebreide pauze, maar er waait een harde wind
zodat we toch maar ergens binnen gaan zitten.
Al met al hebben we een lange en boeiende dag achter de rug,
echter zonder veel foto's te maken. 's Avonds rusten we eerst wat uit op
onze kamer en nemen vervolgens onze intrek in de bar van het hotel om de
plannen voor de volgende dag te maken. We willen eigenlijk alles wel zien
op dit mooie eiland, maar binnen één week zal dat niet gaan
lukken, dat hebben we nu al wel door.
Zaterdag 17 februari, via Limassol naar Pafos
Het plan voor vandaag is een tocht via Limassol naar Pafos.
Een makkie denken we, maar uiteindelijk zijn we een hele lange dag onderweg
en zien niet eens alles wat we gepland hebben. Het is schitterend weer
(ca. 22°C) en we gaan eerst Limassol in, één van de
belangrijkste industrie- en handelscentra van het land. Ondanks het feit
dat hier geen echte mooie stranden zijn, lijkt ook hier het toerisme te
groeien.
We parkeren in de buurt van de boulevard waar Lies haar
eerste palmbomenzaadjes verzamelt. Dat deze hobby iets uit de hand zou
gaan lopen, konden we die dag nog niet weten. Misschien dat we ooit
nog een palmbomenkwekerij-bladzijde op de site gaan zetten.
Door de ligging van Cyprus nabij het Midden Oosten heeft
het eiland veel islamitische invloeden gekend en nog steeds is een deel
van de bevolking islamiet. Hiernaast een foto van de Djami Djedid moskee
die nog steeds wordt gebruikt.
In Limassol bezoeken we ook het kasteel en het daarin
gehuisveste middeleeuwse museum. Het kasteel dateert uit de 14e eeuw.
Hier trouwde Richard Leeuwenhart met Berengaria van Navarre toen hij
tijdens een kruistocht in een storm en op Cyprus verzeilde.
Via het Akrotiri-schiereiland rijden we langs het zoutmeer,
maar het blijkt een onverharde weg te zijn en het heeft vanochtend flink
geregend. Een paar tegemoetkomende jeeps kan dat niet zoveel schelen,
maar ons, in de gloednieuwe huurwagen, wel. Het mocht niet baten, we
werden flink vies en de rest van de dag uitgelachen door iedereen die
ons zag rijden.
Via het Kolossi-kasteel (ten westen van Limassol) rijden
we verder naar het westen, langs de kust.
Bijna 20 km. ten westen van Limassol ligt Kourion, een
complex van historische opgravingen die prachtig op de kliffen boven
de Middellandse Zee liggen. Sinds de nieuwe Steentijd werd dit gebied
bewoond en gekoloniseerd door verschillende bevolkingsgroepen van het
vasteland van Eur-Azië. In de 4e eeuw was er een hevige aardbeving
en werd de stad verwoest en herbouwd. Na plunderingen door Arabieren
in de 7e eeuw werd deze lokatie voorgoed verlaten.
Bij de ingang van de ruïnes ligt het theater. Volgens
de reisgidsen een van de meest gefotografeerde plekken van Cyprus, en
wij snappen wel waarom, het is prachtig gelegen aan de Middellandse
Zee en nog redelijk intact. Er zijn veel meer oudheden te bezichtigen
op Cyprus en daarom hebben we ook maar een speciale bladzijde gemaakt
over oudheden waar meer foto's te zien zijn, o.a. van het amfitheater
dat waarschijnlijk uit de 2e eeuw dateert. Er kunnen 3500 mensen in
en nog steeds wordt het theater gebruikt voor openluchtvoorstellingen.
Helaas niet in februari, dus niet voor ons.
Achter het amfitheater ligt het Eustolius-complex. Via
steigertjes loop je tussen dit Romeinse huis door en kun je de goed
bewaard gebleven mozaïeken bewonderen. Aan de andere kant van het
theater zijn de overblijfselen te zien van de Basilica, een kerk uit
de 5e eeuw. Het moet een imposant gebouw zijn geweest van 70 bij 40
meter.
Maar vooral ook het uitzicht op deze plek is schitterend. Het is goed
voor te stellen dat je als rijke Romein hier graag een huisje wilde
bezitten. Het omringende land is zeer vruchtbaar, het klimaat aangenaam
en de ligging prachtig.
Zelfs wanneer je niet van oudheden, musea e.d. houdt,
is dit toch een plek een bezoek zeker waard is door het landschap en
het uitzicht. Vroeger wist men ook duidelijk wel wat mooi was.
Iets meer landinwaarts ligt het Huis van de Gladiatoren,
zo genoemd vanwege het mozaïek met twee vechtende gladiatoren.
Verder zijn er nog resten van een aquaduct te zien, een gebouw met het
Achilles-mozaïek en in de buurt moeten nog de resten van het stadion
te zien zijn, maar dat hebben we helaas niet kunnen vinden.
Vanuit Kourion reden we verder naar het westen, richting
Petra tou Romiou (de rots van Romios); rotseilandjes in de zee en hoge
rotswanden die de kustlijn vormen. Volgens één van de
overleveringen over deze plek werd hier Aphrodite uit het zeeschuim
geboren.
Vanaf verschillende parkeerplaatsen heb je een prachtig
uitzicht over de rotsen en de zee, maar door het drukke verkeer is het
ook af en toe wel eens lastig om een rustig plekje te vinden.
Men is druk bezig met de aanleg van een snelweg tussen
Limassol en Pafos. Wanneer deze klaar is, zal de secundaire weg een
ideaal toeristenweggetje worden om te genieten van de mooie plekjes
langs deze kust.
Doordat we zo vaak langs de kust zijn gestopt arriveren
we pas aan het einde van de middag in Pafos en besluiten we bij de haven
in het oude gedeelte een terrasje op te zoeken. Pafos is vooral dankzij
de toeristen uitgegroeid tot een dubbelstad: oud- en nieuw Pafos of
ook wel hoog- en laag-Pafos genaamd. In het oude gedeelte liggen vrijwel
alle bezienswaardigheden, maar daar komen we vandaag dus niet aan toe.
Wel laten we in Pafos nog even de auto schoonmaken want
hij ziet er niet uit en we schamen ons bijna erin te rijden. 6 bereidwillige
jongetjes van hoogstens 15 jaar oud nemen deze taak gewillig op zich
bij een autowasstraat. En dat voor een paar gulden.
's Avonds, in de hotelbar, hebben we uitgebreid gepraat
met één van de eigenaren van het hotel. Het blijkt een
familiebedrijf en hij vertelt ons wat meer over het eiland, het leven
in het algemeen en de mensen in het bijzonder. Van hem weten we hoe
sterk het Grieks-Turkse conflict de mensen bezighoudt. Het is ons al
opgevallen wanneer we af en toe de tv op onze hotelkamer inschakelden:
er gaat geen nieuwsuitzending voorbij of het conflict is een hoofd-item.
Daarom hebben we op de informatiepagina over Cyprus enkele links opgenomen
die hier meer over vertellen en waar je het meest actuele nieuws kunt
vinden.
Zondag 18 februari, het Troödesgebergte (Mt. Olympus, Kykko klooster)
Deze zondag blijven we in de omgeving van Platres en verkennen
het Troödes-gebergte. Platres is een dorp met gigantische hoogteverschillen
en dat kunnen we merken bij het lopen. De omgeving is prachtig en het is
erg rustig in deze tijd van het jaar. Vanwege het klimaat hadden we eigenlijk
meer toeristen verwacht, maar we vinden het niet erg dat ze er niet zijn.
Er zijn veel mooie wandelpaden vanuit Platres, o.a.
naar de Caledonian Falls. Aan de foto's is te zien dat de watervallen
nogal droog stonden. Maar alleen de wandeling was de moeite al waard.
Het Troödes-gebergte neemt een vrij groot gebied van
Cyprus in en is van bijna alle kanten van het eiland te zien. De hoogste
berg in dit gebied (en van heel Cyprus) is Mount Olympus (ca. 1.950 meter
hoog). Overal liggen dorpjes verscholen en uiteraard ligt er sneeuw op de
toppen.
Dat het gebied ook erg aantrekkelijk is voor de Cyprioten
zelf blijkt wel uit het feit dat er honderden gezinnen aanwezig zijn om
er hun vrije zondag door te brengen. Gelukkig voor ons is het buiten het
toeristenseizoen... Het liefst komen de Cyprioten hier in de zomer om
wat verkoeling te zoeken.
Na het beklimmen van de Mount Olympus (een lange wandeling
over een verharde weg) rijden we langzamerhand verder in de richting van
het Kykko klooster, een bekend grieks-orthodox klooster, rond 1100 gesticht.
Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd tegen de Britten werd het klooster door
de guerrilla's gebruikt voor verbindingen en voorradentransport.
Aan al het (blad)goud te zien zal het klooster niet
zo snel failliet gaan, hoewel het vroeger nog veel rijker was met bezittingen
in Klein-Azië en zelfs Rusland.
Vanaf het klooster heb je een prachtig uitzicht over het Kykkodal.
We hebben geprobeerd om meerdere foto's aan elkaar te plakken, maar we zijn
nog niet zo'n ster in het fotobewerken. De panorama-pagina's van landschappen
hebben we daarom eerst maar weer van de site verwijderd; het is nog te duidelijk
knip- en plakwerk. Heeft iemand tips?
Vervolgens gaan we op zoek naar Cedars Valley. Maar na ruim
een uur rijden op een smal zandpaadje op weg naar deze vallei en nog steeds
niet op bestemming te zijn aangekomen, ontmoeten we tegenliggers die ons
vragen hoelang het nog duurt voor ze weer bij de gewone weg waren. Ze kijken
nogal smachtend. Rijden over deze weg is een avontuur waar niet iedereen
op zit te wachten... Ook de ravijnen aan de zijkant maken het er niet beter
op. Maar de omgeving en natuur is prachtig en zeker de moeite waard.
De ceders zijn inheems op Cyprus en worden bijzonder
groot. Ze groeien voornamelijk op hoogten tussen de 1000 en 1400 meter.
Nadat we eindelijk weer op een verharde weg aankwamen, zoeken
we wat kleine weggetjes op de kaart en zwerven her en der door het Troödes
gebied. Hiernaast een kijkje op Pedoulas en de omgeving nabij Platres.
Ook deze foto toont de omgeving van Platres. Het dorp is een
geliefd vakantieoord voor de Cyprioten zelf, vooral 's zomers om de hitte
van Nicosia te ontvluchten. Nu is het erg rustig. We willen nog even wat
rondwandelen, maar 's avonds wordt het ineens een stuk kouder, dus zoeken
we ons heil in de hotelbar, wat ook niet onaangenaam is.
Maandag 19 februari, Nicosia, Khirokitia
We worden wakker met een prachtig zonnetje dat door de gordijnen
schijnt. Vandaan trekken we naar het noorden, over het Troödes-gebergte,
door de noordelijke vlakten, naar Nicosia. En vervolgens via de oostkant
weer terug.
Wanneer je vanaf het Troödes-gebergte afdaalt, kom je
terecht op de hoogvlakten met uitzicht op het Kyrenia-gebergte. Deze bergketen
loopt 90 km. door over het noordelijke (turkse) deel van het eiland en gaan
tot 1000 meter hoog.
Het Turkse gedeelte is alleen te bezoeken wanneer je rechtstreeks
aankomt in dit deel, of via Nicosia met een dagvisum. Wij zijn er te kort
om dit te doen en beperken ons bezoek met het bekijken van een VN-grenspost.
De sfeer is grimmig ook al ligt het land er verder verlaten bij en zijn
er geen dorpen in de nabije omgeving te ontdekken. De grenspost op de foto
rechts ligt in de buurt van het dorpje Deneia.
Nicosia is sinds de 10e eeuw de hoofdstad van Cyprus en telt
ongeveer 175.000 inwoners. De stad is, net als Berlijn vroeger, verdeeld
door een muur, de Green Line die wordt bewaakt door een VN-vredesmacht.
Op een bepaald moment stappen we per ongeluk een straatje in waar een ketting
over de grond ligt. Al snel hebben we een VN-militair met wapen in de aanslag
voor ons staan die ons vriendelijk, maar zeer dwingend, terugbrengt naar
het griekse deel. Weten wij veel! Moeten ze die ketting maar duidelijker
aanbrengen.
Terwijl we onder de muur, die het Griekse deel van Nicosia
van het Turkse gedeelte scheidt, langs lopen worden we kontinu aangeroepen
door Turkse Cyprioten die op de muur staan. Wat ze willen, kunnen we niet
verstaan, maar het voelt wel onplezierig.
Na een lange wandeling door het Griekse gedeelte, rusten
we wat uit in een van de vele parken die Nicosia rijk is. Voor wie van
musea houdt, is Nicosia zeker de moeite waard om te bezoeken. Maar ook
alleen het ronddwalen door de oude stad met zijn smalle straatjes is al
een belevenis op zich.
In 1934 werd ontdekt dat in Khirokitia de restanten van een
neolithisch dorp liggen. Dit dorp dateert uit minstens 6.800 jaar v.C. Door
de ligging was het gemakkelijk te verdedigen en de grond was en is er vruchtbaar.
Het grote aantal landbouwwerktuigen die er gevonden werden, duiden erop
dat het waarschijnlijk een permanente nederzetting van boeren was, al jaagde
men ook op wild.
Op deze foto is een reconstructie te zien van de huizen die
men toendertijd bouwde: ronde gebouwen van leem.
De onderkant van de huizen werd opgebouwd uit keien
uit de rivier en daar bovenop werden stenen van leem geplaatst. Wanneer
een huis instortte, werd het nieuwe huis er gewoon bovenop gebouwd.
Overledenen werden begraven in de bodem van de huizen zelf.
Tegen de heuvel op kan men de fundamenten van een groot deel
van het dorp zien en hoe dit gelaagd tegen de helling op gebouwd was in
een soort bijenkorf-vorm. Het ziet er wat verwarrend uit want er zijn uit
verschillende periodes 5 lagen van fundamenten blootgelegd.
Tegen 7 uur 's avonds rijden we weer terug naar Platres.
De lucht begint flink te betrekken, maar de temperatuur is nog heel aangenaam.
Prettig genoeg om bij Alassa (tussen Limassol en Platres in het Troödes-gebergte)
nog even te picknicken in de buitenlucht.
Maar de weersberichten voor de dagen erna zijn heel wat minder
goed: de temperatuur gaan flink dalen, misschien wel tot het vriespunt.
Veel kans op regen terwijl we net weer een beetje gewend zijn aan veel zon
en het lopen in T-shirt. Maar goed, we zijn hier niet alleen voor het klimaat,
maar vooral om het land te zien dus besluiten we er hoe dan ook van te genieten...
Dinsdag 20 februari, een pechrit naar Pafos
En inderdaad, het weer is een stuk slechter wanneer we het
hotel verlaten. Het regent en waait en er hangen dikke wolken over de bergen.
De temperatuur is minstens met 10 graden gedaald, maar vol goede moed gaan
we op weg naar Pafos. We besluiten de zogenaamde binnendoorweg te nemen
en niet via Limassol. Hadden we dat maar niet gedaan... Het blijkt dat deze
weg al geruime tijd in onderhoud is en uit niet meer dan een zandpad bestaat
omdat er een nieuwe asfaltlaag wordt aangebracht. Het is glibberig en er
liggen veel dikke stenen op de weg.
Op een bepaald moment kunnen we een wel heel erg dikke kei
niet meer ontwijken en er klinkt een flinke tik onder de auto. Gespannen
zit Teije in de auto naar het olielampje te kijken en ja hoor, na een paar
minuten gaat het lampje branden. Het dichtsbijzijnde dorp: 8 kilometer en
zoals al eerder gezegd, we hebben geen mobiele telefoon bij ons waarmee
we even snel het verhuurbedrijf kunnen bellen. Gelukkig gaan we bergafwaarts
en met de motor uit hebben we nog al die kilometers afgelegd. De eerlijkheid
gebiedt mij te zeggen dat ik (Teije) de laatste 2 km. toch nog even de auto
heb gestart en gas heb gegeven om dichter bij het dorpje Kidasi terecht
te komen. Aan de rand van het dorp komen we tot stilstand en weten we dat
we hulp moeten zoeken.
Teije neemt eerst eens poolshoogte in het dorp en Lies blijft in de auto.
Het waait hard en af en toe komt er een stortbui uit de hemel vallen. En
koud is het, zeker vergeleken bij de voorafgaande warme dagen. Het hele
dorp lijkt wel uitgestorven, net zoals Platres erbij lag toen we aankwamen.
In het dorp staat 1 gebouwtje dat 's zomers waarschijnlijk een cafetaria
of koffie-tent is en van binnen lijken geluiden te komen. Na 10 minuten
bonzen op de deuren komt er ineens een Cyprioot tevoorschijn die helaas
geen Engels spreekt. Met handen en voeten kunnen we hem duidelijk maken
dat we een huurauto hebben en dat deze kapot is. Eerst rijdt hij mee naar
onze auto en kunnen we hem uitleggen dat er een gat in het olie-carter is
geslagen. Zodra hij het begrijpt, neemt hij het heft in handen en belt met
de verhuurdienst in Larnaka en Pafos. We snappen niets van de enerverende
gesprekken die worden gevoerd, maar na zelf even gesproken te hebben met
iemand van de verhuurdienst in Pafos die gebrekkig engels spreekt, begrijpen
we dat we opgehaald worden. Het kan door het slechte weer wel even duren.
En daar zitten we dan, in een houten keet die duidelijk gebouwd is voor
hogere temperaturen en minder wind. Na een half uur verkleumen halen we
toch maar de jassen uit de auto. Het is ondertussen gaan sneeuwen en de
vlokken dwarrelen nog net niet naar binnen. Uiteindelijk hebben we zo'n
2 uur gewacht, maar de eigenaar en later ook zijn vrouw verwennen ons met
koffie en eigengemaakte cake. Wanneer we tenslotte worden opgepikt en willen
betalen, mogen we alleen maar de koffie betalen. De cake is een geschenk
en het gebruik van zijn mobiele telefoon is slechts hulp geweest; iedereen
zou hetzelfde gedaan hebben... zo maakte hij ons duidelijk.
Helaas weten we de naam van deze familie niet, maar hij bezit het enige
café/restaurant in Kidasi, tussen Platres en Pafos. Het ligt aan
de doorgaande weg aan het einde van het dorp richting Pafos. Wie dit leest
en er ooit langskomt: doe ze onze groeten, van dat verkleumde stel uit Holland
met die kapotte auto.
We werden opgehaald door een jonge kerel die geen Engels spreekt,
in een dikke jeep. Zelfs met de jeep heeft hij problemen op de glibberige
weg en het duurt ruim een uur voor we in Pafos arriveerden. Bij gebrek aan
conversatiemogelijkheden roken we gebroederlijk sigaretten. In Pafos aangekomen,
worden we afgezet bij het kantoor van de autoverhuurmaatschappij en daar
blijkt dat schade aan de onderkant van de wagen niet meeverzekerd is, ook
al hebben we het eigen risico afgekocht. 110 pond moeten we betalen, ruim
400,-. En in plaats van een 'normale' auto blijkt dat we de jeep
meekrijgen als vervangend vervoermiddel. Teije heeft nog nooit in een jeep
gereden en vraagt nog of er dingen zijn die hij moet weten, maar volgens
het kantoormeisje rijdt een jeep net als een normale auto... Teije vindt
het maar niets, zo'n dikke jeep.
Ondertussen is het al laat in de middag en we beschouwen deze
dag als een verloren dag wat het bezichtigen van interessante dingen betreft.
We wilden de diverse bezienswaardigheden in Pafos (graven der koningen,
de mozaïeken e.d.) bezoeken, maar in plaats daarvan hebben we een koud
en winderig avontuur beleefd en kennis gemaakt met de hulpvaardigheid van
Cyprioten. Het weer werkt ook niet mee; na een korte wandeling door winderig
Pafos zijn we helemaal verkleumd en gaan nog een hapje eten in een restaurant
om vervolgens langzamerhand (via Limassol en de hoofdwegen) terug te keren
naar Platres. We kijken morgen wel of we opnieuw naar Pafos kunnen rijden
en eventueel naar de Akamas.
Op de terugweg, vlak voor Petra tou Romiou begint het
weer langzamerhand beter te worden, en zien we een prachtige dubbele regenboog.
Bij Petra tou Romiou zelf klaart de lucht ineens heel snel
op, hoewel de zee nog erg onstuimig is. Teije rijdt niet echt lekker in
de jeep en kan daarom niet echt genieten van de prachtige weg.
We hebben goede hoop voor morgen, maar we zijn nog maar net
terug bij het hotel in Platres wanneer het begint te sneeuwen. Deze foto
is trouwens op woensdagochtend genomen, maar we hebben al zo weinig foto's
voor deze dag.
De kachels in de hotelkamer moeten aan en tegen de tijd dat
we naar bed gaan is het al behoorlijk wit buiten. We hebben een vermoeiende
dag achter de rug en we besluiten dat we morgen wel zien wat we gaan doen,
afhankelijk van het weer.
Woensdag 21 februari, vast in de sneeuw
Het uitzicht vanaf ons balkon is duidelijk die ochtend: sneeuw,
heel veel sneeuw. Het zou droog blijven volgens de weersvoorspellingen,
maar een halve meter sneeuw logenstraft dat. De temperatuur komt waarschijnlijk
niet boven het vriespunt uit. Een hele klimaatwisseling binnen 2 dagen:
van 22°C tot aan het vriespunt met een dikke laag sneeuw.
We hadden gisteren nog geen idee wat we gingen doen,
maar nu willen we proberen met de jeep de bergen uit te komen en dus uit
de sneeuw om misschien alsnog weer naar Pafos te gaan. En terwijl we buiten
op de parkeerplaats staan om een foto van het hotel te nemen, verliest
Lies een glas uit haar zonnebril. Na lang zoeken in de sneeuw geven we
het op (de volgende dag vinden we het glas alsnog wanneer alle sneeuw
alweer verdwenen is).
We trekken er dus toch op uit: tenslotte hebben we een jeep...
Weet Teije veel hoe zo'n ding werkt. En al snel glibberen we door de sneeuw
richting ravijn; de remmen werken niet en we hebben totaal geen grip op
de weg. Achterstevoren belanden we in de berm (vlak naast het ravijn).
Terwijl andere jeepbestuurders moeiteloos door de sneeuw
voorbij rijden, proberen wij de auto weer op de weg te krijgen. En na
lang, heel lang proberen, ziet Teije ineens een knopje met de aanduiding
4W. Ik druk erop, maar het helpt niets. Uiteindelijk drukken we maar allerlei
knopjes in, en ja hoor, ineens glijden we over de weg alsof er geen sneeuw
en ijzel ligt. Toch zit de schrik erin en we besluiten toch maar in de
buurt te blijven en van Platres in de sneeuw te genieten.
De steile weg van het hotel naar beneden en vervolgens de
hele steile weg naar boven, naar de weg die om het dorp loopt, blijkt voor
meer bestuurders een probleem. Een uur lang zien we auto's omhooggaan en
weer naar beneden glijden, vervolgens iedereen uitstappen en de auto omhoog
duwen. Het is een prachtig gezicht.
Maar hierdoor zijn we niet meer in Pafos geweest en we vinden
het jammer dat we daar een aantal dingen hebben gemist, speciaal het gebied
rond de Akamas dat ontzettend mooi moet zijn. In plaats daarvan hebben we
een paar spannende avonturen beleefd en ook die behoren bij het reizen.
Het is leuk wanneer alles gaat zoals gepland, maar door gebeurtenissen die
buiten de planning vallen moet je je vakantie niet laten bederven en dat
hebben we dan ook niet gedaan. Al schuifelend en glibberend hebben we de
steile weggetjes door Platres zelf getrotseerd en genoten van het dorp en
de restaurants.
Soms schijnt de zon, soms is het bewolkt, soms regent
het of valt er sneeuw; vier jaargetijden op 1 dag. In de loop van de dag
wordt het steeds warmer en begint de sneeuw te smelten. Wel zo prettig
vinden we, want morgen moeten we alweer vroeg weg en een glibberpartij
als vandaag zien we niet zo zitten, zeker niet in het donker. Maar tja,
we weten nu wel hoe de 4-wheel drive werkt...
De temperatuur loopt 's avonds snel op, hoewel het nog geen
weer is om in een t-shirt buiten te zitten. We zitten nog even in de bar
te praten met de hoteleigenaars en gaan dan vroeg naar bed.
Donderdag 22 februari, de terugreis naar Nederland
De laatste dag moeten we om half vijf 's ochtends al op pad om (tegen
het eind van de middag pas) thuis te komen. De wegen zijn weer helemaal
schoon en bij Larnaka kunnen we nog even stilstaan bij het zoutmeer waar
aan de overkant de de Hala Sultan Tekke moskee staat, verscholen tussen
de palmbomen. Het is een belangrijk islamitisch pelgrimsoord want Umm Haram
ligt hier begraven. Zij zou een tante van moederskant van de profeet van
Mohammed zijn. Deze foto is niet door onszelf genomen, maar een ingescande
ansichtkaart.
Met een beetje weemoed nemen we afscheid van de jeep en van Cyprus. Lies
heeft alweer het geluk bij een raampje te kunnen zitten en al gauw bevinden
we ons boven een dik wolkendek. Ook de tijd vliegt en voor we het weten
zitten we na de vlucht en een paar uur in de trein weer in ons eigen huis,
ver verwijderd van de plek van vertrek.
Cyprus is een fantastisch eiland en in dit reisverslag hebben
we slechts de hoogtepunten genoemd van alles wat we hebben gezien. Een week
is leuk om een eerste goede indruk te krijgen, maar het is toch aan te raden
om 2 weken de tijd te nemen. We hebben hier een prachtige tijd gehad en
zijn tijd tekort gekomen, maar eerst wachten nog vele andere mooie bestemmingen
op ons.
Voor ieder die erheen gaat: geniet ervan; het is een fantastisch land
met vriendelijke mensen, veel afwisselende landschappen, mooie kusten en
veel bezienswaardigheden.