En inderdaad, het weer is een stuk slechter wanneer we het
hotel verlaten. Het regent en waait en er hangen dikke wolken over de bergen.
De temperatuur is minstens met 10 graden gedaald, maar vol goede moed gaan
we op weg naar Pafos. We besluiten de zogenaamde binnendoorweg te nemen
en niet via Limassol. Hadden we dat maar niet gedaan... Het blijkt dat deze
weg al geruime tijd in onderhoud is en uit niet meer dan een zandpad bestaat
omdat er een nieuwe asfaltlaag wordt aangebracht. Het is glibberig en er
liggen veel dikke stenen op de weg.
Op een bepaald moment kunnen we een wel heel erg dikke kei
niet meer ontwijken en er klinkt een flinke tik onder de auto. Gespannen
zit Teije in de auto naar het olielampje te kijken en ja hoor, na een paar
minuten gaat het lampje branden. Het dichtsbijzijnde dorp: 8 kilometer en
zoals al eerder gezegd, we hebben geen mobiele telefoon bij ons waarmee
we even snel het verhuurbedrijf kunnen bellen. Gelukkig gaan we bergafwaarts
en met de motor uit hebben we nog al die kilometers afgelegd. De eerlijkheid
gebiedt mij te zeggen dat ik (Teije) de laatste 2 km. toch nog even de auto
heb gestart en gas heb gegeven om dichter bij het dorpje Kidasi terecht
te komen. Aan de rand van het dorp komen we tot stilstand en weten we dat
we hulp moeten zoeken.
Teije neemt eerst eens poolshoogte in het dorp en Lies blijft in de auto.
Het waait hard en af en toe komt er een stortbui uit de hemel vallen. En
koud is het, zeker vergeleken bij de voorafgaande warme dagen. Het hele
dorp lijkt wel uitgestorven, net zoals Platres erbij lag toen we aankwamen.
In het dorp staat 1 gebouwtje dat 's zomers waarschijnlijk een cafetaria
of koffie-tent is en van binnen lijken geluiden te komen. Na 10 minuten
bonzen op de deuren komt er ineens een Cyprioot tevoorschijn die helaas
geen Engels spreekt. Met handen en voeten kunnen we hem duidelijk maken
dat we een huurauto hebben en dat deze kapot is. Eerst rijdt hij mee naar
onze auto en kunnen we hem uitleggen dat er een gat in het olie-carter is
geslagen. Zodra hij het begrijpt, neemt hij het heft in handen en belt met
de verhuurdienst in Larnaka en Pafos. We snappen niets van de enerverende
gesprekken die worden gevoerd, maar na zelf even gesproken te hebben met
iemand van de verhuurdienst in Pafos die gebrekkig engels spreekt, begrijpen
we dat we opgehaald worden. Het kan door het slechte weer wel even duren.
En daar zitten we dan, in een houten keet die duidelijk gebouwd is voor
hogere temperaturen en minder wind. Na een half uur verkleumen halen we
toch maar de jassen uit de auto. Het is ondertussen gaan sneeuwen en de
vlokken dwarrelen nog net niet naar binnen. Uiteindelijk hebben we zo'n
2 uur gewacht, maar de eigenaar en later ook zijn vrouw verwennen ons met
koffie en eigengemaakte cake. Wanneer we tenslotte worden opgepikt en willen
betalen, mogen we alleen maar de koffie betalen. De cake is een geschenk
en het gebruik van zijn mobiele telefoon is slechts hulp geweest; iedereen
zou hetzelfde gedaan hebben... zo maakte hij ons duidelijk.
Helaas weten we de naam van deze familie niet, maar hij bezit het enige
café/restaurant in Kidasi, tussen Platres en Pafos. Het ligt aan
de doorgaande weg aan het einde van het dorp richting Pafos. Wie dit leest
en er ooit langskomt: doe ze onze groeten, van dat verkleumde stel uit Holland
met die kapotte auto.
We werden opgehaald door een jonge kerel die geen Engels spreekt,
in een dikke jeep. Zelfs met de jeep heeft hij problemen op de glibberige
weg en het duurt ruim een uur voor we in Pafos arriveerden. Bij gebrek aan
conversatiemogelijkheden roken we gebroederlijk sigaretten. In Pafos aangekomen,
worden we afgezet bij het kantoor van de autoverhuurmaatschappij en daar
blijkt dat schade aan de onderkant van de wagen niet meeverzekerd is, ook
al hebben we het eigen risico afgekocht. 110 pond moeten we betalen, ruim
400,-. En in plaats van een 'normale' auto blijkt dat we de jeep
meekrijgen als vervangend vervoermiddel. Teije heeft nog nooit in een jeep
gereden en vraagt nog of er dingen zijn die hij moet weten, maar volgens
het kantoormeisje rijdt een jeep net als een normale auto... Teije vindt
het maar niets, zo'n dikke jeep.
Ondertussen is het al laat in de middag en we beschouwen deze
dag als een verloren dag wat het bezichtigen van interessante dingen betreft.
We wilden de diverse bezienswaardigheden in Pafos (graven der koningen,
de mozaïeken e.d.) bezoeken, maar in plaats daarvan hebben we een koud
en winderig avontuur beleefd en kennis gemaakt met de hulpvaardigheid van
Cyprioten. Het weer werkt ook niet mee; na een korte wandeling door winderig
Pafos zijn we helemaal verkleumd en gaan nog een hapje eten in een restaurant
om vervolgens langzamerhand (via Limassol en de hoofdwegen) terug te keren
naar Platres. We kijken morgen wel of we opnieuw naar Pafos kunnen rijden
en eventueel naar de Akamas.
Op de terugweg, vlak voor Petra tou Romiou begint het
weer langzamerhand beter te worden, en zien we een prachtige dubbele regenboog.
Bij Petra tou Romiou zelf klaart de lucht ineens heel snel
op, hoewel de zee nog erg onstuimig is. Teije rijdt niet echt lekker in
de jeep en kan daarom niet echt genieten van de prachtige weg.
We hebben goede hoop voor morgen, maar we zijn nog maar net
terug bij het hotel in Platres wanneer het begint te sneeuwen. Deze foto
is trouwens op woensdagochtend genomen, maar we hebben al zo weinig foto's
voor deze dag.
De kachels in de hotelkamer moeten aan en tegen de tijd dat
we naar bed gaan is het al behoorlijk wit buiten. We hebben een vermoeiende
dag achter de rug en we besluiten dat we morgen wel zien wat we gaan doen,
afhankelijk van het weer.